Kerstdag 2003

 

Een kind is ons geboren. De zoon van God is mens geworden. Geheel de aarde heeft aanschouwd wat onze God voor ons deed. Wees blij, verheug u en zingt.

 

Uitbundig zingt de liturgie om de geboorte van de Messias. We feliciteren elkaar met een “zalig kerstfeest” toe te wensen. Zalig betekent het grote geluk dat God alleen kan geven.

 

In Hem is het leven. Hij is het licht van de wereld en komt als een kind. God laat ons vrij in onze keuze voor Hem. God neemt ons aan als zijn adoptieve kinderen om ons deelgenoot te maken aan zijn heiligheid.

 

De apostel Johannes benadrukt in zijn evangelie dat de Heer God is. De proloog is het stukje dat we zojuist hebben gehoord. Die is een gedicht, het lijkt een liturgische hymne te zijn die vanaf zeer vroeg gebeden is om Christus, onze verlosser te bezingen. In de historische documentatie van het christendom is die altijd gekoppeld geweest aan het vierde evangelie.

 

  1. In het begin was het woord. Dit doet ons denken aan de schepping bij het boek Genesis.
  2. In Genesis schept God door middel van zijn woord.
  3. In Genesis wordt de schepping bekroond door de schepping van de mens als beeld van God, man en vrouw.

 

In het Nieuwe Testament, bij de geboorte van Christus, is er sprake van een nieuwe schepping. Het Woord van God is mens geworden en heeft onder ons gewoond. Ieder mens wordt in Christus aangenomen als kind van God om in vrijheid God als vader aan te nemen. Probeer ik in mijn omstandigheden op Christus te lijken?

 

Onlangs is er een jonge vrouw uit de H. Nicolaas parochie naar het klooster in Parijs gegaan. Zij is 30 jaar; was katholiek geworden tijdens haar studie, heeft in het onderwijs gewerkt. Zij heeft langzaan aan ingezien dat God steeds meer van haar vroeg en zij is tot dit besluit gekomen. Dat is zeker dapper. Je laat een heel wat achter je… Maar heeft ze niet een heel wat meegekregen en krijgt ze daar niet veel voor terug?

 

Christen zijn op de plek die ons toekomt: in de omgeving van Amsterdam is ook Gods wil voor ons. Dat is voor ons misschien heldhaftig. En Christus heeft hier mensen nodig die het licht en de warmte  van het geloof en de liefde tot God uitstralen. Ben ik getuige van de hoop die in mij door Christus leeft?

 

Als christenen  zijn we gewend om de Almachtige te zien als een van ons. Jezus is menselijk en goddelijk tegelijkertijd. Ons geloof dient ook vlees te worden. Begin ik de dag met het opdragen van mijn werk aan God? Bid ik als ik op straat loop, als ik naar de supermarkt ga of in de bus stap?

 

Christus leeft in de wereld door de christenen. Probeer ik overeenkomstig het voorbeeld van Christus te leven om er een beter wereld van te maken?

 

Maria en Jozef leren ons dat we naar Jezus moeten kijken. Hij is de weg en ons leven.